Nougat

Je stond in de rij voor de andere kassa. Ik liet mijn hoge hakken aan je horen en je reageerde meteen.

We zagen elkaar voor het eerst bij de vitrine met maaltijdsalades. Jij houdt helemaal niet van maaltijdsalade. Dat had ik heus wel gezien.
Bij de koekjes vroeg je ineens:
‘Dit ís en blíjft de moeilijkste gang. Wat eet jij vananvond?’
‘Pindakoek met nougat. Als ik hier te lang blijf staan neem ik altijd een doos negerzoenen.’
‘Nougat?! Bedoel je die blokjes met een chocolade jasje?’, vroeg je belangstellend.
‘Ja, dees’. Ik draaide me om en wees naar het vak met mijn troost.
‘Oh ja, dat is gemeen spul’. Je knikte als een connaisseur en keek me aan.
Ik hield mijn hand op m’n linker borst en sloot mijn ogen even ter bevestiging.

Negerzoenen vind ik niks aan. Nougat is de shit.

Jij had een pak suiker en een tros bananen op de band. Ik probeerde niet terug te kijken.
De rij voor jouw kassa ging sneller. Je was al bijna klaar toen ik aan de beurt was.
Bij het rek met de bloemen bleef je even staan en keek naar buiten. Het werd al donker. De ramen weerspiegelden ons oogcontact.
Het duurde misschien wel drie seconden.

Advertisements
This entry was posted in Korte verhalen, Puzzelen. Bookmark the permalink.

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s