Koningendag?

Ze was een keer in Breda. Ik was nog een kleuter. Het was ver weg maar ik zag haar beige hoed. Heel duidelijk. Stiekem ben ik best wel fan van onze Koningin. Symboliek behoort nou eenmaal tot mijn favorieten en onze Koningin is daar een kei in.

Het was een mooie afscheidsspeech. Bij het woord ‘dikwijls’ schoot ik bijna vol. Ik herhaal: bijna. Want zo erg is het niet hoor. Nee, zo erg is het niet. Onze Koningin is gewoon een goed mens. Echt zo’n lieve vrouw die net zo makkelijk even haar mouwen opstroopt om een pondje half-om-half tot ballen te draaien. Sommige mensen weten het niet eens, maar onze Koningin heeft dus gewoon een prepaid mobieltje.

– Hey, knul! Dat is lang geleden zeg.
– Hallo, jonge dame. Hoe is het allemaal?
– Prima, prima. Maar wat leuk dat je belt.
– Ja, het werd weer eens tijd dacht ik zo. Zeg, wat heb ik nou toch allemaal gehoord?
– Ja, jongen. Er is een tijd van komen en een tijd van gaan. Ik ga het maar eens een beetje rustig aan doen. Wacht even een seconde, dan zet ik de muziek wat zachter… … Marie-Louise!!! Kun je nog een fles bubbels voor me pakken, alsjeblieft! … … Wat?! Nee, maakt niet uit als ie nog niet koud is! Jawor! Doe maar gewoon! Wat kan mij dat godverdomme nou schelen?! Dankjewel, lieverd! … Zo, daar ben ik weer.
– En gelijk heb je, meid. Je hebt het verdiend. Laat jij jezelf maar eens lekker verwennen de komende tijd.
– Nou, het is verrukkelijk heur. Eindelijk gewoon eens keihard zuipen en ’s morgens te lam zijn voor het ontbijt. Dat is echt veelste lang geleden. Gisteren ook al zo zat als een maleier. Met spouwen en al, man. Nonde jenne nog aan toe. Ik moet er weer even inkomen hoor.
– Nah nah… En hoe is het met de boys? Heeft onze Lex er al een beetje zin an?
– Gaat wel. Ons Constant is geschikter voor de job maar ja, het is niet anders.
– Ach, het valt allemaal reuze mee, vind ik.
– Vind je? Ja nee, het is een lieve knul hoor, echt, maar hij is zo ontzettend… ontzettend… blond. Alle jezus nog aan toe toch. Wat onze Max in hem ziet is mij nog steeds een raadsel.
– Zeg, dit vind ik niet tof wat je nou doet.
– Wat niet?
– Nou, onze aanstaande Koning zo afzeiken.
– Doe ik dat?
– Ja, dat doe je.
– O…sorry.
– Niet meer doen hoor.
– Nee, nee. Je hebt gelijk. Hij wordt de Koning en daar moet ik mee leren leven.
– Precies.
– Ja.
– Weet je, dit zijn juist van die dingen waarom ze je altijd een ‘vrouw van het volk’ noemen. Je bent zo lekker gewoon gebleven. Ik heb best veel van je geleerd in al die jaren. Vooral het doekjes winden en zo. Jij bent daar zó goed in.
– Dat is goed om te horen. Hoe is het trouwens met de liefde? Dat wil ik eigenlijk altijd als eerste vragen maar dan voel ik me meteen zo’n roddeltante.
– Jij mag dat rustig vragen hoor.
– Goed zo, jongen. Heel goed. Lekker rustig aan.
– En hoe is het met de kleinsten? Ook alles wel? Hebben ze het naar hun zin op school?
– O ja, die gaan super goed. Ons Amalia heeft nu al zin om Koningin te worden. Ze vindt Koningendag zo stom klinken.
– Tja, kleine meisjes worden ook groot.
– Tja, zo gaat dat, in het leven.
– Heb je nog veel vrije dagen staan?
– Ja, een paar nog.
– Laat je ze uitbetalen of stop je wat eerder?
– Ik denk het laatste.
– Meid, je hebt groot gelijk.
– Precies, waarom zou ik het niet doen.
– Nou, dan ga ik weer eens hangen. Doe je ze allemaal de groetjes van me?
– Ja, zal ik doen. Leuk dat we weer eens belde. Moeten we vaker doen.
– Dat is goed. Nou, tot de volgende keer dan maar!
– Tot gauw, jongen. Dikke kus.

Advertisements
This entry was posted in Puzzelen. Bookmark the permalink.

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s