Dopamine pandemie

Als muzikant en schrijver beleef ik plezier aan het creëren. Maar ook het promoten op sociale media voorziet in een behoefte. Zo ontving ik in 2012 tientallen hartjes en duimpjes op een blog. Ondanks het bescheiden aantal (een stuk of dertig), was het een persoonlijk record en het voelde als viraal gaan. Een dag om nooit te vergeten. Ik viel met wiebelende tenen in slaap.

Zodra het aantal hartjes en duimpjes over de honderd loopt, krijgt men te maken met kritiek van opiniemakers en reageerders. Vroeger zaten opiniemakers achter de kassa van de buurtsuper en spraken reageerders elkaar in het café tegenover de kerk. Men geloofde bijvoorbeeld dat Elvis Presley een reïncarnatie van de duivel was (serieus!). Sindsdien is er niet veel veranderd. Het moderne taalgebruik is nog steeds doordrenkt met satirische hyperbolen en zwarte humor. Groot verschil is de kwantiteit, want iedereen beheert een café tegenover de kerk, een Facebookaccount. Zangeres en TVOH-coach Anouk verwoordde het kernachtig: “Als je mijn kritiek niet kunt verdragen, dan is de muziekindustrie niks voor jou, want op sociale media is het tien keer erger.”

“Pesten loont.”

Aanleiding voor deze column was recent onderzoek naar pestgedrag in het voortgezet onderwijs. Gedurende vier jaar werden jongeren van 13 tot en met 16 onder de loep genomen. Het onderzoek van Loes Pouwels, promovenda aan de Radboud Universiteit te Nijmegen, was uniek omdat deze groep niet eerder werd bestudeerd op dit onderwerp. Haar conclusie is minstens zo opmerkelijk: “Pestkoppen in het voortgezet onderwijs zijn populairder dan op de basisschool. Pesten loont.”
Als ik daar een beeld bij vorm, dan zie ik een stinkende puber die voor het slapen nog even een blikje energiedrank in de nek schiet, om vervolgens op Facebook een klasgenoot af te zeiken. Zijn vrienden belonen hem met hartjes en duimpjes waardoor hij om kwart over drie met een tevreden gevoel in slaap valt.

Het ontvangen van hartjes en duimpjes stimuleert de aanmaak van dopamine. Het is ook geen nieuws dat het algoritme van Facebook een hoge activiteit en interactie beloont met een hogere notering op andermans tijdlijn. Daardoor krijgen we nog meer dopamine. Plaats er advertenties bij en zie daar: een zelfregulerende verdienmodel. Ik ben liberaal genoeg om te applaudisseren voor zulk een eenvoudig en efficiënt mechanisme, maar de onbekommerde Brabander in mij voelt een botte stomp achter de ogen wanneer de gevolgen van tien jaar sociale media zichtbaar worden. En dan heb ik het niet eens over de app-nek, slapenloosheid en het No Phone Syndrome.

Een heroïnejunk heeft dezelfde drijfveer

Soms ben ik Facebook even beu. Dan deel ik hier en daar wat hartjes en duimpjes uit, een melige opmerking zo links en rechts, maar dat was het dan. Toch duurt het nooit langer dan een paar dagen tot ik weer iets vind om op m’n tijdlijn te plempen. En dan denk: Ja, toch wel leuk en handig.
Ergens voel ik ook een drijfveer die de aantallen van mijn persoonlijk record uit 2012 wil bereiken, of liever nog, wil verbreken. Wat zeg ik? Verpulveren die shit! Een heroïnejunk heeft dezelfde drijfveer: De ultieme roes van het allereerste shotje herbeleven.

Gelukkig heb je geen linkse hobby nodig om de dopamineflow op gang te houden. Een foto van het avondeten, bijvoorbeeld. Er zijn altijd een paar Facebookvrieden die dat een duimpje waard vinden. Schijnbaar moet je dat niet te vaak doen om verzadiging te voorkomen. Dus voorzichtigheid is geboden! Want als je het verzadigingspunt bereikt, dan moet je naar een andere dealer met sterker spul. En die motherfucker staat voor de deur van het publieke debat.

Ik breng wel eens een bezoekje aan Geen Stijl, Powned en TPO. De filmpjes en artikelen vind ik even tenenkrommend als hilarisch, dus waarom zou ik mezelf dat plezier ontnemen.
Toen de IQ/Afkomst-discussie losbarstte, werd het mij te gortig. Ik besloot – met de uitspraak van Anouk in het achterhoofd – de rode loper van het publieke debat te betreden.

Een genuanceerde, kritische toon komt er bekaaid vanaf

De Facebookpagina’s van “populistische” politieke partijen en media staan vol inhoudsloze, sarcastische reacties op berichten die het amateurisme van ons kabinet blootleggen. Op de accounts van “traditionele” partijen komen de meeste reacties óók van populisten. Overal zie je hetzelfde patroon: Hoe lomper en grover het taalgebruik, hoe meer hartjes en duimpjes een reageerder ontvangt. Een genuanceerde, kritische toon komt er bekaaid vanaf.

Vol goede moed begon ik gesprekken aan te knopen. Bij de populaire reageerder kreeg ik een stortvloed botte opmerkingen van zijn/haar fans. Een dialoog met de gematigde reageerder verliep meestal wat constructiever. Het was vaak de weg van de lange adem, maar uiteindelijk bleek dat we het redelijk met elkaar eens waren.

Ik kon het niet laten om een column te schrijven in de hoop dat de gesprekken wat vlotter zouden verlopen. Naast een hoop leuke reacties, ontving ik ook een paar berichten uit de sarcastisch-rechtse hoek. De logica was meestal: linkse hobby, dus subsidie, dus terroristenknuffelaar, dus gevaar de samenleving.
Desondanks werd het mijn best gelezen schrijfsel tot nu toe.
Ik verkocht zelfs een paar boeken.
En dat knaagt.

Het knaagt ook aan mijn dealer. Begin dit jaar uitte Mark Zuckerberg zijn zorgen:
There’s too much sensationalism, misinformation and polarization in the world today. Social media enables people to spread information faster than ever before, and if we don’t specifically tackle these problems, then we end up amplifying them.

Polarisatie komt van drie kanten

Wat in 2005 begon als een onschuldige platform voor scholieren is uitgegroeid tot een gigantische, onschatbare invloed op de publieke opinie. Onschatbaar omdat het nieuws wordt opgeblazen met hysterische opiniestukken waarbij lachen en huilen moeiteloos in elkaar overgaan. Verwarring zaaien is immers goed voor de kijkcijfers… en voor de peilingen. De concurrentie in de florerende dopaminehandel is bikkelhard.

Ik weet het zeker. Polarisatie komt van drie kanten. Populisten wakkeren het aan met apocalyptische toekomstbeelden, de regering voedt het door te blunderen bij het leven, commerciële belangen maken het ontembaar.

Sinds vorige week is de grootste Braziliaans krant Folha de São Paulo gestopt met publiceren op Facebook. Liever 180.000 bezoekers minder, dan meewerken aan de tweedeling, zo luidt het devies. Hoofdredacteur Sérgio D’Avila erkent dat zijn symbolische actie nauwelijks effect zal hebben. Maar voor de knaken hoeft de krant het niet te doen; Facebook betaalt niet of nauwelijks voor de content die zij plaatsen.

Jong geleerd, oud gedaan. Verstand komt blijkbaar niet altijd met de jaren.

kringloop

Illustratie: Adje Cantato

Advertisements
This entry was posted in Column. Bookmark the permalink.

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

Connecting to %s